Ding 19 Sociale netwerken
LinkedIn was in 2007 het eerste sociale netwerk waar ik een account heb aangemaakt, niet lang daarna heb ik ook een profiel aangemaakt op Hyves (omdat jullie, mijn collega’s van Xplora Den Bosch er allemaal op zaten) en in 2009 ben ik op Facebook gaan rondneuzen (veel van mijn familie en vrienden uit België zitten op Facebook).
Eerst inspiratie opdoen…
Er zijn al veel boeken geschreven over het gebruik van sociale netwerken. In dit bericht wil ik een aantal van deze boeken aanstippen.

Erwin Blom is al jaren actief met sociale netwerken en brengt in ‘Handboek communities’ tips, trucs en ervaringen daarmee in beeld. Zijn eigen praktijk is daarvoor de belangrijkste bron, maar ook andere communityvoorbeelden worden op enthousiaste wijze gepresenteerd. Het boek staat bovendien vol met quotes van externe deskundigen.
Blom’s boodschap is dat social media werkt en dat het van en voor iedereen is. Het boek biedt dus veel praktijk cases met de betrokken bedrijven vaak aan het woord. Deze cases zijn kort en bondig beschreven, vaak in een soort interview stijl. Deze praktijk voorbeelden smaken naar meer en op www.socialmediahub.nl staan wat meer uitgewerkte cases.
Aansprekend is het verhaal van het slijterijmeisje. Als eigenaar van een slijterij in Zeeland, kwam zij op het idee om nieuwe media in te zetten. Zij heeft de zwangere doos in de markt gezet. Het ontstond via twitter en ze ging er gelijk mee aan de slag. Twintig procent van haar omzet weet ze nu al te realiseren via Twitter.
Maak een plan. Speel in op statistieken. Authentieke inhoud. Voeg sociale functies toe. Maak je inhoud ‘shareable’ en ‘embeddable’. Het boek is geen handboek pur sang, daarvoor biedt het iets te weinig structuur maar het geeft wel stuk voor stuk waardevolle eye-openers die inspireert tot nieuwe ideeën!
Bronnen:
- http://www.managementboek.nl/recensie/9789022959480/464
- http://www.studenten.net/entertainment/boeken/12027/recensie_handboek_communities_-_erwin_blom
- http://www.hi-re.nl/2009/12/01/recensie-handboek-communities-de-kracht-van-sociale-netwerken/
Je kunt het boek gratis downloaden via onze catalogus of via http://www.handboekcommunities.nl/?post/37/handboek_communitie_nu_ook_als_gratis_pdf_verkrijgbaar/. Zowel in Den Bosch als Breda hebben we ook een papieren exemplaar.
In zijn boek ‘Iedereen’ (‘Here comes everyone’, 2008) beschrijft Clay Shirky wat er gebeurt als mensen het gereedschap (sociale netwerken) krijgen om samen te werken zonder dat ze de traditionele organisatiestructuren daarbij nodig hebben. Shirky zet met aansprekende voorbeelden uiteen hoe deze vormen van zelforganisatie werken, wat er de kenmerkende elementen van zijn en wat voor lessen we eruit kunnen trekken. Zo maakt hij aannemelijk dat, in tegenstelling tot wat we vaak denken, de techniek niet alleen virtueel maar ook juist fysiek contact makkelijker maakt.
Shirky plaatst de ontwikkelingen van sociale media in historisch perspectief. Hij laat de parallellen zien met vroegere revoluties, zoals de uitvinding van de losse zetsels in de vijftiende eeuw. Hij gaat in op de 80/20 regel en op veel meer fenomenen: six degrees of seperation, open source software, etc. Alles wat hij vertelt onderbouwd hij met voorbeelden uit de maatschappij en juist dat maakt zijn boek een aanrader!
‘Iedereen’ is een actueel, levendig geschreven boek dat op allerlei niveaus inzicht geeft in de maatschappij en de manieren waarop we communiceren en netwerken vormen.
Bronnen:
- http://www.managementboek.nl/boek/9789047000808/iedereen_clay_shirky
- http://www.frankwatching.com/archive/2009/08/08/boekrecensie-iedereen/
Te leen in zowel Den Bosch als Breda.

Alhoewel de titel van het boek anders doet vermoeden gaat Huub Koeleman in het boek ‘Twitteren op je werk’ niet alleen in op Twitter maar ook op andere sociale netwerken. Vandaar ook de ondertitel ‘ en andere mogelijkheden van social media voor interne communicatie’. In tegenstelling tot ‘Handboek communities’ is ‘Twitteren op je werk’ echt een handleiding voor organisaties die aan de slag willen met social media voor hun interne communicatie. Koeleman gaat dan wel vooral in op de mogelijkheden voor de dienst communicatie, maar ook andere diensten hebben zeker iets aan de vele tips en vooral richtlijnen die in het boek worden geformuleerd.
In deel 1 geeft Koeleman aan waarom social media relevant zijn geworden. In deel 2 beschrijft Koeleman technieken in combinatie met nieuwe eisen en verwachtingen van consumenten en medewerkers (vooral die uit die uit de jongste slash-generatie) nieuwe eisen stellen aan het management en stafafdelingen als de communicatieafdeling. En in deel 3 beschrijft hij hoe meer en minder bekende nieuwe social media in elkaar steken. Daarbij geeft hij heel praktische informatie en tips.
Koeleman begint zijn boek met de mededeling dat de enige manier voor hem om meer gevoel te krijgen bij social media was door er in te duiken. En dat is dan ook meteen zijn beste tip: duik er zelf ook gewoon in. ‘Twitteren op je werk’ is een prima startpunt daarbij! Van Twitter en LinkedIn hebben we inmiddels allemaal wel gehoord, maar van Yammer en Google Wave? En al helemaal niet van ‘augmented reality’. Maar het bestaat, het beïnvloedt ons gedrag, onze taken en rollen op het werk. Koeleman helpt ons daarbij en praat ons geheel bij. Wie het boek heeft gelezen, kan bijblijven via www.twitterenopjewerk.nl.
Bron: http://www.managementboek.nl/recensie/9789013064841/536
Ook ‘Twitteren op je werk’ kan je zowel in Den Bosch als in Breda lenen.

Als laatste wil ik het boek Crush it van Gary Vaynerchuck aanbevelen. Vaynerchuck sprak op UGame ULearn 2010. Hieronder het verslagje van zijn verhaal toen.
Gary Vaynerchuck is een knotsgekke rebel en revolutionair in de meestal traditionele wijnwereld. Elke dag kan je op zijn website een bespreking bekijken van wijn(en). Hij heeft een wijnhandel (the Wine Library) in Springfield, New Jersey en is inmiddels uitgegroeid tot een icoon. Zijn aanpak is op zijn zachtst gezegd vernieuwend. Zijn doel is alleen maar lovenswaardig, met name het verlagen van de drempel. Zijn geheim: community, content, care! Het gaat allemaal om het bouwen van communities, het bouwen van echte relaties in de online wereld. Wat in de fysieke wereld gebeurt, moet volgens hem ook in de online wereld gebeuren. ¨If you think the iPad is not going to change your world, you are out of your mind!¨
Captivated by culture. “Our culture is shifting to the online world – the quicker we embrace it the better!” Internet is de meest krachtige ¨shift¨ in de menselijke wereld. De bibliotheken moeten ook online, alleen het gebouw is niet meer genoeg. Er is geduld nodig om een online community op te bouwen (wanneer je een weblog begint dus niet na een paar maanden al opgeven)! Het gaat om passie en kansen. ¨It’s about NOT drawing lines in the sand!¨ Voorbeeld: formspring.me. ¨It´s never the platform, it´s all about the message!¨
Vaynerchuck geeft aan dat hij faalt in de dingen die hij niet doet in de plaats van in de dingen die hij wel doet, hij laat veel kansen aan zich voorbijgaan. Maar het gaat hem om het proces, daarin is ie succesvol. Wat hij doet is gebaseerd op intuïtie en zijn geloof daarin. Hij doet het niet voor het geld, maar voor het proces en omdat hij het leuk vindt. Money is bulsh*t…! Hard werken loont, als je goed bent en in jezelf gelooft dan versla je in je eentje grote concurrenten omdat je kunt gebruik maken van social media en je makkelijker een eigen netwerk van klanten kunt opbouwen. Je moet eerst zelf spelen met een nieuwe tool voordat je in staat bent er iets mee te kunnen doen, eerst jezelf onderdompelen en dan pas bouwen! De kernelementen zijn daarbij kennis, expertise en service!
Content en informatie zijn tegenwoordig goedkoop. Bibliotheken kunnen dus alleen winnen door hun expertise en kennis in te zetten… Build the library brand… bibliotheken moeten meer mediabedrijven worden. Meer passie en overtuiging… wees minder defensief en maak geen excuses voor waar je in gelooft! Maak de bibliotheek meer uitnodigend en meer een winkel als Starbucks of Cheers. Communiceer, stel vragen, maak promotie en zorg voor actieve betrokkenheid!
En zoals Vaynerchuck spreekt, zo schrijft hij: vol passie en gedrevenheid! Zijn boek is zo Amerikaans, overdreven in alles, maar je gelooft hem meteen:
If there’s any message I want you to take away, it’s that true success – financial, personal, and professional – lies above all in loving your family, working hard, and living your passion. In telling your story. In authenticity, hustle, and patience. In caring fiercely about the big and the small stuff. In valuing legacy over currency. Social media is an important part of it for now, but maybe it won’t always be. These concepts, however, are forever, no matter what the next business platform of social phenomenon turns out to be.
Inspirerend ten top!
Bron: http://biebmiepleen.web-log.nl/weblog/2010/04/ugul10-the-user.html
… en dan zelf aan de slag!
Inspiratie genoeg na het lezen van bovenstaande boeken, maar wat moet Xplora nou met sociale netwerken? Moeten we een fanpage maken op Facebook? Moeten we een groep oprichten op Hyves? Helaas is een student ons bij Hyves al voor geweest. En daar ligt nou net onze uitdaging wat betreft sociale netwerken! De anti-Xplora Hyves is hét bewijs dat onze doelgroep op sociale netwerken zit, geen twijfel mogelijk! Dus wij moeten eerst en vooral hun signalen daar oppikken en REAGEREN (hoe komt het dat niemand van Xplora dat heeft gedaan op de anti-Xplora Hyves??????)! Dus de eerste stap is dat er iemand binnen Xplora wordt aangesteld die het internet/sociale netwerken gaat afstruinen om te kijken wat er wordt gezegd over Xplora, de tweede stap is reageren op deze berichten (niet via een aparte site, maar rechtstreeks daar waar er over ons gesproken wordt), een derde stap zou het oprichten van een hyves en/of een facebook-pagina kunnen zijn, maar deze stap is volgens mij ondergeschikt aan de eerste twee stappen!
Nog een extraatje
Natuurlijk zijn sociale netwerken niet alleen handig in de communicatie naar onze doelgroepen toe. Via sociale netwerken kunnen we ook informatie uitwisselen met collega’s nationaal en internationaal. Je vindt zowel op Hyves, Facebook als LinkedIn verschillende groepen rond bibliotheekthema’s met nieuws, weetjes en discussies en natuurlijk zijn er verschillende bibliotheken die zich op Hyves en Facebook profileren:
-
Belgian Information Network -
NVB -
Dutch Digital Library – Nederlandse Digitale Bibliotheek -
Dutch Librarians and Information Specialists -
Digitale Bibliotheek
Zoek hier naar meer interessante Linkedin groepen.
Zoek hier naar meer interessante Hyves.
Zoek hier naar meer interessante Facebook groepen en pagina’s.
En ik eindig dit bericht met nog een laatste leestip. In Sociale netwerken voor professionals gaat Marshall Breeding in op hoe bibliothecarissen sociale netwerken beroepsmatig het effectiefst kunnen inzetten! Het artikel komt uit het tijdschrift Digitale Bibliotheek.
Ding 17 en 18 Speeltijd en Librarything
Ding 17 Bekijk een web 2.0 site naar keuze
Hmm, ik heb al zoveel web 2.0 sites/tools bekeken/uitgeprobeerd dat ik nu even niet kan kiezen. Daarom maar even een overzichtje van web 2.0 sites die ik gebruik (geen uitputtend overzicht, ik heb er nog veel meer uitgeprobeerd maar deze gebruik ik momenteel regelmatig):
(Ga met de muis over de icon voor meer informatie, klik op de icon om naar de betreffende web 2.0 site/tool te gaan)
Ding 18 Catalogiseer je boekenkast met Librarything
Librarything gebruik ik al een lange tijd. Ik vind het vooral handig omdat je via trefwoorden je boeken kunt ontsluiten, collecties kunt bijeenbrengen en via widgets kunt publiceren op je blog. Zo kan ik makkelijk lijstjes maken van boeken die ik aan het lezen ben, die ik in bezit heb, die ik gelezen heb, die ik nog wil lezen, die ik gekocht heb op Boekenfestijn, leestips die werden gegeven bij UGameUlearn, etc, etc, etc… heerlijk! En natuurlijk ook de boeken die wat te maken hebben met ‘23 Dingen‘:
Ik heb nog niet al de boeken die ik in bezit heb op Librarything staan. Momenteel staan er 3 boekendozen in onze woonkamer vol boeken die ik nog moet catalogiseren, dus daar ga ik de komende weken mee aan de gang! Ik lees net bij 23LibraryCats dat Librarything een limiet heeft van 200 boeken, dat wordt dus een probleem! Waarschijnlijk ga ik dus binnenkort overstappen op Shelfari!
Verslag bijeenkomst coaches 12 april
Op 12 april hebben alle coaches een bijeenkomst gehouden om ervaringen uit te wisselen.
Hoe gaat het binnen de verschillende groepjes?

In de meeste groepjes gaat het wel goed, al is de Dingenmoeheid bij sommigen wel toegeslagen en lopen er enkelen achter op het schema. De belangrijkste oorzaak daarvan is tijdgebrek en voor sommigen de onzekerheid om alleen aan de Dingen te werken.
Hoe motiveer je jouw mensen?

Vaak gebeurt dit spontaan. Mensen vragen iets en je helpt ze even verder op weg. Ook de collega’s onderling helpen elkaar verder.
De weblog als zelfreflectietool en communicatietool wordt niet altijd goed gebruikt. Enerzijds worden reacties vaak niet gelezen en er wordt ook te weinig gereageerd. Anderzijds verdiepen mensen zich te weinig in alle mogelijkheden van de Dingen. De diverse weblogs geven wel een goed beeld van de interesses, de sterke punten en capaciteiten van de verschillende medewerkers. Hier moeten we veel meer gebruik van gaan maken.
De 23 Dingen is een afstandsprogramma. De ervaring leert dat het toch vaak beter werkt als je samen iets doet. Mensen zijn gemotiveerder als ze met meerdere personen tegelijk iets kunnen doen. E-learning werkt dus niet voor iedereen even goed.
Persoonlijk contact motiveert het beste.
Nut van 23 Dingen

De 23 Dingen zijn een gereedschapskist. Dankzij de 23 Dingen hebben we gereedschap in huis dat we kunnen gebruiken als het nodig is. In Den Bosch wordt al een ding toegepast. Er is een forum aangemaakt waar iedereen reacties kan achterlaten over de stiltewerkplekken, die men sinds kort in Den Bosch heeft.
23 Dingen is dan ook op de eerste plaats een persoonlijke verrijking. Daarnaast vinden sommige medewerkers het wel belangrijk dat er straks ook binnen Xplora iets mee gedaan wordt (zo niet dan zal de kennis snel vervliegen en is het programma misschien overbodig geweest = het gevoel dat bij sommigen nu heerst). De projectgroep onderstreept dat in eerste instantie alle medewerkers op de hoogte moeten zijn van de 23 Dingen, dat ze weten wat allemaal mogelijk is. Natuurlijk kunnen ook al ideeën geïnventariseerd worden. Belangrijk is dat de dingen die we straks als zinvol en bruikbaar ervaren Avansbreed ingevoerd gaan worden.
Video-conference

De bijeenkomst vond via video-conference plaats. Dat was de eerste keer voor mij en was wel leuk. Zo een video-conference is wel intensiever en vraagt meer concentratie dan een gewoon overleg, maar het is een prima oplossing om met mensen van andere locaties te overleggen zonder dat er iemand hoeft te reizen! Iedereen was enthousiast dus de volgende coaches-bijeenkomst zal weer via video-conference gebeuren.
Terugblik op Ding 10 tot en met Ding 14
Vorige en afgelopen week heb ik met mijn collega’s uit Den Bosch een terugblik geworpen op Ding 10 tot en met Ding 14:
De Dingenmoeheid slaat bij sommige collega’s meedogenloos toe. Toch zijn de meeste nog enthousiast. De bijeenkomsten vinden ze erg nuttig, want dan krijg je veel tips en een beetje verdieping. Samenwerken aan de Dingen motiveert ook (dus niet alleen in je eentje er aan werken). Was het niet beter geweest om eerst een soort 23 Dingen dag te houden waarin alle Dingen werden voorgesteld en daarna de deelnemers te laten kiezen welke Dingen ze willen doen, want wat je meer aanspreekt doe je gemotiveerder?
Bij delicious is niemand enthousiast over het inloggen met je Yahoo-account. Waarom is het niet mogelijk om bij alle dingen gewoon in te loggen met je Google account. Tja…
Tijdens de bijeenkomst werd gedemonstreerd hoe je je favorieten die in je browser staan in één keer kunt overzetten naar Delicious en hoe je tags kunt bundelen.
Delicious heeft een bol.com-effect: ook hier links naar andere URL’s van andere gebruikers (tips, kijk hier ook naar).
Nog even een discussie gevoerd over folksonomy (door het volk trefwoorden laten toekennen). Er zijn voordelen: nieuwe trefwoorden waar je zelf niet opkomt. Nadeel: soms zijn de trefwoorden erg persoonlijk en heeft iemand anders daar niets aan.
Delicious zou handig kunnen zijn voor het delen van websites met de gebruikers.
Sommige deelnemers vinden wiki’s saai / niet boeiend. Toch gebruikt bijna iedereen Wikipedia.
Wiki’s is een tool om samen te werken. Heel bruikbaar binnen een context. Bijvoorbeeld bij een project.
Voor de interne organisatie zou een wiki toegepast kunnen worden voor het delen van kennis. Je kunt elkaar aanvullen. Als voorbeelden worden de baliehandleiding, literatuuronderzoek en het collectie(vormings)profiel genoemd.
Twitteren is een communicatietool en het is eenvoudig in gebruik. Het is tevens een bruikbare informatiebron.
Door mijn enthousiame over Twitter waren mijn collega’s er wel al mee bekend. Alleen hebben sommige deelnemers wat moeite met het vertellen op Twitter waarmee ze bezig zijn.
Maar je kunt natuurlijk ook op twitter zetten wat er gebeurt of wat je belangrijk vindt.
Er zijn al veel studenten en docenten van Avans die Twitteren (kijk maar eens bij de volgers van Punt). Zo kun je makkelijk contact leggen met studenten.
Als je naar een congres gaat, leg je ook makkelijker contacten omdat je van te voren al digitaal contact hebt gemaakt.
De meeste collega’s willen wel anoniem blijven op Twitter of in ieder geval hun tweets afschermen (dus alleen die toestemming krijgen kunnen je tweets lezen).
Google docs is gebruiksvriendelijk en je documenten zijn doorzoekbaar.
Google docs kan bijv. een gedeelte van de R-schijf vervangen.
Je gaat samen werken aan documenten, je kunt eenvoudig een formulier aanmaken en je kunt direct een bericht publiceren, bijv. op je blog.
Zo kun je misschien beter Google docs gebruiken in plaats van een wiki voor het samenwerken aan het collectie(vormings)profiel.
IM heeft voor ons zijn nut al bewezen en iedereen binnen Xplora gebruikt vrij vaak IM voor communicatie met collega’s.
Maar we chatten wel nog niet met onze gebruikers. Bij de Bibliotheek Hogeschool Zuyd doen ze dat wel al. Ik heb mijn groepje de opdracht gegeven te chatten met de collega’s van de HS Zuyd en wat hun ervaringen ermee zijn. De HS Zuyd gebruikt Meebo. Dit is een schil over de Windows Live Messenger en daarmee is het mogelijk om op een webpagina het gratis chatprogramma te starten.
Binnen QuestionPoint is er de mogelijkheid om te chatten met de gebruikers van Xplora. De meeste collega’s vinden het een goed idee om deze mogelijkheid te gaan benutten. Sommige collega’s willen liever een IM-programma dan QuestionPoint gebruiken op te chatten met de gebruikers. Deze zijn gratis en veel gebruikersvriendelijker. Ook zijn de chatprogramma’s bij gebruikers bekend.
Digsby wordt voorgesteld tijdens de bijeenkomst. Je kunt via dit programma meerdere accounts opstarten (MSN, Gmail, Twitter, Facebook, LinkedIn, etc in 1 programma).
Ding 15 Podcasts
Wat betreft podcasts heb ik zelf niet zo veel ervaring. Behalve dan dat bij mijn opleiding de hoorcolleges Wetenschapsfilosofie werden opgenomen (door de docent zelf met zijn ipod) en op Blackboard werden geplaatst, zodat je ze achteraf nog eens kon beluisteren. Omdat ik zelf een Zen heb met een schermpje abonneer ik me niet op podcasts maar op vodcasts. Zo haal ik regelmatig de video’s van Ted Talks binnen om ze dan in de trein te bekijken (dat binnenhalen gebeurt trouwens gewoon via de RSS-feed en het programma dat standaard bij de speler wordt geleverd). Een zeer goed initiatief vind ik de iTunes U waar nu al meer dan 250.000 lezingen, colleges, video’s, films en andere educatieve middelen uit alle hoeken van de wereld gratis te downloaden zijn. In Nederland doen 2 universiteiten mee aan dit project: de Open Universiteit en de Technische Universiteit van Delft. Binnen Avans zijn er ook al een aantal intitiatieven rond het digitaliseren van colleges etc: de projecten Vocus en Digital Learning Content van het LIC. Het ideetje van Mark om diverse impressies van nieuwe boeken te verwerken in een podcast en deze beschikbaar te stellen voor onze gebruikers vind ik een prima toepassing van podcasts binnen Xplora.
Extra: Ding 15 op 23dingen.nl Google Maps en Street View
Rob Coers heeft eind maart besloten om op de openbare 23 dingen site Ding 15 podcasts te vervangen door Google Maps en Street View. In het Avans programma is dat niet verandert, gelukkig, want het is ook wel goed om naar het fenomeen podcasts te kijken. Maar omdat Google Maps en Street View ook het bekijken waard zijn, neem ik dat nieuwe Ding ook hier even op.
Vroeger was Route 66 mijn houvast wanneer ik ergens naar toe moest waar ik nog nooit geweest was, maar tegenwoordig plan ik mijn route via Google maps (neen, ik heb nog geen TomTom)! Ook maak ik zelf kaarten, zo heb ik van mijn wandeling door Hasselt, samen met jujuutje, een kaart gemaakt. Ik heb de informatie bij de verschillende stopplaatsen niet opgenomen in Google maps zelf, maar op mijn weblog.
Google Street View is zo leuk! Hier (in de camping bij deze boerderij) bracht ik mijn tweede vakantie met Arian door
. De locaties op de nieuwe LIC site zijn ook voorzien van Google Street View kaarten.
De ontwikkeling van locatiegeoriënteerde toepassingen staat niet stil. Augmented Reality, waarbij digitale informatie wordt toegevoegd aan de fysieke wereld (zie ook Layar, de AR-browser ontwikkeld in Nederland), is in opkomst. Ook bibliotheken kunnen wel wat met die nieuwe locatiegeoriënteerde toepassingen. Zo vernam ik op het IFLA congres in Milaan vorig jaar dat de bibliotheek van de Ryerson Universiteit in Toronto (Canada) heel wat mobiele toepassingen heeft ontwikkeld voor de gebruikers waaronder Location Based and Context Awareness Services: biedt relevante informatie op basis van de locatie en de profiel van de student (bijvoorbeeld: 2 lokalen verder zit er een student die voor dezelfde modules als jij heeft gekozen of die aan een paper werkt over een gerelateerd onderwerp aan jouw paper). Maar natuurlijk kun je beginnen met het aanbieden van praktische informatie: vind gebouwen, lokalen, laboratoria, faculteiten en diensten via GPS.
Ding 16 YouTube
Op 17 maart kondigde YouTube een nieuwe mijlpaal aan. In 1 minuut tijd wordt er 24 uur aan videomateriaal op de servers van YouTube neergezet. De prestatie wordt vergeleken met het beklimmen van de Mount Everest, het ronddraaien van de aarde en 2,5 dagen op Jupiter. Wanneer je deze getallen even doorrekent, dan wordt er meer dan 2 miljoen minuten (oftewel 34.560 uur) per dag geüpload. In een jaar tijd is dit 12.614.400 uur. Je hebt dus 1.440 (12.614.400 / (24 * 365)) jaar nodig om al deze filmpjes ooit te kunnen zien. Dit is voor niemand weggelegd.
Bron: Frankwatching
Ik breng regelmatig wat tijd door op YouTube: vooral om muziekclips en ook trailers te bekijken, maar zelf heb ik ook al een aantal filmpjes gemaakt waaronder natuurlijk een paar van onze Sissy:
Ik heb me ook op een aantal kanalen geabonneerd: ClijstersTube, Dido, O’Reilly TV (kanaal van O’Reilly Media), Scala & Kolacny Brothers; waardoor ik automatisch op de hoogte wordt gehouden van nieuwe filmpjes.
Voor een toepassing binnen Xplora verwijs ik naar het You-Tube kanaal van de bibliotheek HS Zuyd. Zij hebben bij elke databank een filmpje gemaakt waarin kort en krachtig wordt uitgelegd waar de databank te raadplegen is, wat de inhoud van de databank is en hoe je in de databank zoekt.
Verslag congres DB Update
Het is al weer een aantal weken geleden dat de coaches naar het congres DB Update mochten. Het was een rijk gevulde dag waarbij tal van kijkjes in andermans keuken mogelijk was:
- Als eerste was er natuurlijk Helene Blowers, de uitvindster van 23 things. Ze gaf een aansprekende presentatie waarin ze de volgende 5 trends die bibliotheken vormgeven op een rijtje zette:
- Het digitale boek.
- Mobiele applicaties.
- Augmented Reality waarbij digitale informatie wordt toegevoegd aan de fysieke wereld.
- Het feit dat print aan het dood gaan is.
- En als laatste: hoe je je staande houdt in de digitale kloof van tegenwoordig.
- De tweede presentatie was die van Wikimedia Nederland. Daarover heb ik al verslag gedaan in Ding 11 en 12 Wiki’s en Twitter.
- In de derde presentatie legde Rosemie Callewaert de infrastructuur achter zoeken.bibliotheek.be uit, ook zij sprak net als Helene Blowers over een aantal trends:
- Discovery layer bring the outside in – van opac naar discovery layer: van een inventaris van de fysieke bibliotheekcollectie gepresenteerd door titelbeschrijvingen naar een indexeerplatform voor diverse bronnen gepresenteerd door metadata en/of full conten. Voorbeeld: Cabrio.
- Relevance Ranking, Faceted Search, FRBR – navigeren, groeperen, sorteren.
- User Generated Content, Mashups, Aanbevelingen – Web 2.0.
- Etaleren, Bring the inside out, Web 3.0 – Go where the users are.
- Tenslotte wordt de infrastructuur van zoeken.bibliotheek.be in kaart gebracht.
- Tijdens de lunchpauze werden er 2 presentaties gegeven over e-books en multi-touch technologie. Een deel van mijn collega’s zijn naar de presentatie over de e-books geweest (verslag volgt op de blog 23 dingen voor Avans), ikzelf heb de presentatie van Chris Vleugels & Stijn Bannier van IBBT-SMIT over de mogelijke rol van multi-touch technologie binnen de digitale bibliotheek bijgewoond.
- De eerste presentatie in de namiddag werd gegeven door John Blyberg, de uitvinder van de SOPAC. Hij legde uit wat de SOPAC is en welke web 2.0 tools er in verwerkt zijn zoal taggen, reviews, ratings & My library.
- Hans van Dijk van Biblionet Groningen vertelde aansluitend over het nut en de noodzaak van een gemeenschappelijk datamodel voor bibliotheken. Bibliotheken in Nederland willen meer en meer de klant centraal zetten, maar dan moet je eerst weten wie jouw klanten zijn. Er moet een integraal klantbeeld komen. Nu bezitten bibliotheken alleen maar informatie over de grijs-lener. Meer gegevens zijn er niet. Een datawarehouse maakt foto’s van momenten in de tijd, het combineren van die foto’s maakt een tijdreis mogelijk en hierdoor zijn vergelijkingen tussen uitleningen vandaag en bijvoorbeeld dezelfde dag vorig jaar mogelijk.
- Tijdens de voorlaatste presentatie brachten Irmgard Bomers en Enno Meijers hun verhaal over het proces waarin de Koninklijke Bibliotheek zich ontwikkelt tot een volwaardige digitale bibliotheek. Federatieve Identity Management richt zich op wederzijds vertrouwen, een open data- en organisatiemodel en een informatie-infrastructuur die dit ondersteunt. De visie & missie van de KB is het samenbrengen van mensen en informatie. Digitalisering is een middel om deze visie uit te werken. Hiervoor is een nationale infrastructuur nodig. De KB wil dat er een nationale bibliotheekpas komt en 1 bibliotheekfederatie. Het zal nog wel 2 jaar duren voor dat er komt maar de basis is al gelegd. De voordelen van deze Bibliotheekfederatie voor de gebruikers zullen zijn:
- Een laagdrempelige inschrijfprocedure
- Een beter toegankelijke collectie
- Een vereenvoudigde administratie
- Het openen van nieuwe wegen / klaarstomen voor de toekomst
- Een platformonafhankelijke webservice
- Een grote stap van maatschappelijke betekenis
- Peter Nieuwenhuizen had het in de laatste presentatie over de nieuwe Digitale Bibliotheek van Rijkswaterstaat waarbij de digitale informatie als facilitair product wordt bekeken. Door het veranderend getij werd er een transitie (mooier woord voor reorganisatie) doorgevoerd bij Rijkswaterstaat waarbij de bibliotheekdienstverlening ook werd herzien.
Op het eind van het congres werd de Award Digitale Bibliotheek van het Jaar 2010 uitgereikt. Het was de eerste keer dat iemand deze award kon winnen. De Bibliotheek van het Vredespaleis werd de gelukkige door hun goede toepassing van web 2.0, de duurzame opslag van e-content, hun webpresence en het gebruik van RSS en chat.
Het volledige verslag kun je lezen op mijn BiebmiepLeen Weblog!
Ding 13 en 14 Kantoortoepassingen en IM
Ding 13 Kantoortoepassingen
In mijn opleiding werk ik regelmatig met Google docs. Het is ideaal voor het samenwerken aan een groepsopdracht! Momenteel ben ik in een groepje van 3 een informatieplan aan’t schrijven. De grote voordelen van Google docs zijn dat je direct kunt zien wat een ander groepslid aan het document heeft aangepast via de revisiegeschiedenis. Je kan zelfs tegelijk aan een document werken (Google geeft aan dat iemand anders er ook mee aan’t werken is). Daarnaast is het document eenvoudig te downloaden als gewoon Word document en andersom: een Word-document is ook weer eenvoudig te uploaden naar Google docs. Ook is het veilig wat betreft privacy, je kan precies aangeven wie het document kan bewerken en/of inzien. Je kan documenten ook publiceren op het net. Het document krijgt dan een URL dat voor iedereen toegankelijk is. En je kan zelfs bloggen via Google docs: het document wordt dat als bericht op je blog gepubliceerd (je maakt een koppeling tussen Google docs en je blog, zoals ook bij Flickr kan).
Lees het vervolg van mijn bevindingen over Ding 13 in het document dat ik via Google docs met jullie heb gedeeld, zie het e-mailbericht in jullie Gmail-inbox (e-mailadres van je Google account). De handleiding ‘Samenwerken via Google Documenten‘ helpt je hiermee! Plaats de antwoorden op de vragen die ik stel in het document (en als je wil ook op je blog)!
Ding 14 Instant Messaging
Nou, chatten is natuurlijk niet nieuw voor ons! Het is makkelijk om even wat te vragen aan collega’s aan de andere balie of op de andere locatie! Maar wat met chatten met onze studenten en docenten? Om hierop een antwoord te formuleren geef ik jullie een opdracht: ga op een werkdag tussen 13.30 en 16.30 naar de site van de Bibliotheek Hogeschool Zuyd en chat met de bibliothecaris aldaar via het chatvenster op de website! Stel hem/haar volgende vragen:
- Wat zijn tot nu toe de ervaringen met chatten met gebruikers bij de Bibliotheek Zuyd?
- Wordt de chat op de site veel gebruikt? Door studenten en/of docenten?
- Welk programma gebruiken ze om te chatten met de gebruikers en werkt dit goed?
- etc…
Ik lees de antwoorden en jouw mening over chatten met gebruikers op jullie blog! Daarnaast wil ik graag jullie mening lezen over het gebruik van de chat intern!
Wil je chatten en Twitteren met elkaar combineren in 1 programma, dan raad ik jullie Digsby aan. Digsby is een programma waarmee je tegelijkertijd kunt chatten, twitteren, e-mailen (Gmail, hotmail, etc) of je sociale netwerken (Facebook, LinkedIn) kunt updaten (die laatste hoeft natuurlijk niet wanneer je niet op deze sociale netwerken zit, ik gebruik Digsby vooral om te chatten en te Twitteren). Thuis kun je Digsby gewoon op je computer installeren. In Xplora werkt het natuurlijk minder makkelijk met al die computers! Je kunt natuurlijk Digsby overal gaan installeren, maar dat wekt ergernis op bij anderen. Ik heb een betere oplossing en die vind je in deze handleiding!


























































