Skip to content

Verslag afsluitende bijeenkomst 23 dingen

16 augustus 2010

24 juni en 30 juni jongstleden was het zover: de afsluiting van 23 dingen in Xplora Breda en Den Bosch. Deze afsluitingen werden verzorgd door de projectgroep 23 dingen voor Avans en zij hadden er werk van gemaakt: leuke presentaties, heerlijk gebak, inspirerende discussies over hoe nu verder en natuurlijk het feestelijk in ontvangst nemen van de certificaten!

Afsluiting #23dingen met gebak! on Twitpic

In Breda begonnen we met een interessante presentatie van docent Berry Timmers over de Minor Online Marketing. Hij vertelde over de opzet van deze minor en de web 2.0 toepassingen die erin gebruikt worden. Zo moeten de studenten een weblog bijhouden, een e-portfolio maken, nadenken over hun online personal branding en meediscussiëren op sociale netwerken. De studenten leerden zo niet alleen over marketing maar ook over web 2.0. En niet alleen de studenten leren ervan, ook de docenten waren nog leken wat betreft web 2.0 voordat ze met deze minor begonnen. En het is vooral wennen: de eerste keer werd er toch nog veel teruggegrepen naar bekende wegen zoals e-mail.

In Den Bosch begonnen we met een presentatie over video en screencasting in het onderwijs. Medewerkers van Avans geven volgende 15 redenen om video/screencast te gebruiken in het onderwijs:

  1. Het zorgt voor een beter begrip bij studenten.
  2. Het leerrendement is hoger.
  3. De tijd die je niet besteed aan college geven kan teruggestopt worden in het onderwijs.
  4. Je kunt het nog eens terugkijken, vlak voor een toets of in een later studiejaar.
  5. Je hoeft als docent niet eindeloos dezelfde colleges te herhalen.
  6. Je hoeft geen politie-agentje meer te spelen in de collegezaal.
  7. De leerstof beklijft beter.
  8. Het activeert studenten.
  9. Het daagt studenten uit.
  10. Je kunt beter rekening houden met tempo- en niveauverschillen.
  11. Tijdens de les kun je je meer op de inhoud richten.
  12. Je hebt een groter bereik.
  13. Je kunt meer rekening houden met verschillende doelgroepen.
  14. Op het moment studenten vastlopen kunnen ze zien hoe ze verder moeten (Just in Time).
  15. Je kunt goede voorbeelden delen en andere collega’s inspireren.

De presentatie bevatte ook een aantal praktijkvoorbeelden binnen Avans.

Op beide locaties mocht ik de tweede presentatie verzorgen over de student 2.0. Voor deze presentatie heb ik gebruik gemaakt van het boek over de generatie Einstein van Groen & Boschma en de Kennisnet-publicatie ‘Diversiteit in het gebruik van interactieve media onder jongeren‘. Daarnaast had ik de hulp ingeroepen van échte 2.0 studenten van Avans. In volgend filmpje hoor en lees je wat zij verstaan onder student 2.0, welke web 2.0 tools ze gebruiken en hun tips voor het onderwijs/Xplora:

Daarna gaf Janneke van de projectgroep een impressie van de cursus 23 dingen aan de hand van de weblogs van de deelnemers. Daarin kwamen grappige, pakkende en leuke voorbeelden aan bod van wat onze collega’s hadden gedaan met de tools die we hebben leren gebruiken tijdens 23 dingen.

Ten slotte gingen we in discussie over praktische toepassingen in Xplora. Een verslag van deze discussie vind je op de blog 23 dingen voor Avans. Met volgende 7 dingen willen we verder aan de slag gaan binnen Xplora:

  1. Chatloket
  2. Catalogus 2.0
  3. Digitalisering van diensten door middel van filmpjes en screencasts
  4. Gebruik van beeld en foto’s
  5. Twitter
  6. Netvibes voor academies
  7. Aanwinsten via bijvoorbeeld Flickr
Advertenties

Ding 23 Evaluatie

13 augustus 2010

De officiële afsluiting van 23 dingen Xplora was al in juni, maar ik heb tot nu toe de tijd nodig gehad om mijn dingen af te maken, waardoor ik dus nu pas aan evalueren toe kom!

De tools die in 23 dingen aan bod komen waren mij allemaal al bekend, maar ik had natuurlijk de 23 dingen (het programma zelf) nog niet doorlopen. Je leert dus altijd wel wat bij. Vooral het ontdekken van nieuwe informatie/artikelen/filmpjes/links die in het 23 dingen programma worden gebruikt vond ik leuk! Favoriete dingen heb ik dan ook niet echt, het leuke aan web 2.0 is dat je elke dag nieuwe favorieten ontdekt en oude favorieten weer laat varen. Je kijkt welke dingen je op dat moment kunt gebruiken/inzetten (voor zowel persoonlijk gebruik als gebruik binnen de bibliotheek) maar dat ding kan een tijd later weer zijn vervangen door een ander ding (Netvibes is zo een ding voor mij, is als mijn startpagina vervangen door allerlei Firefox add-ons, maar blijkt nu toch een gewild ding te zijn om te gaan gebruiken als Xplora-startpagina voor academies binnen Avans en dat lijkt me een prima plan), andere dingen blijf je gebruiken (LinkedIn en Twitter zijn tot nu toe blijvertjes voor mij).

Natuurlijk was het coachen voor mij de grootste uitdaging! Ik was vanaf het begin gemotiveerd om mijn kennis te delen met en mijn enthousiasme voor web 2.0 over te brengen op mijn collega’s en hoop (en denk ook wel) dat me dat gelukt is. Mijn workshops Netvibes en Firefox werden in ieder geval met veel enthousiasme onthaald! Het is leuk om te ervaren dat je collega’s ook enthousiaster en enthousiaster worden, al waren dipjes natuurlijk onoverkomelijk! De klassikale aanpak (samen werken aan en vooral ook discussiëren over dingen) bleek het beste te werken en werd verkozen boven het individueel spelen met dingen.

Wat heeft 23 dingen betekend voor de organisatie als geheel? In ieder geval dat alle medewerkers een glimp (en meer dan dat) hebben opgevangen van het web 2.0 fenomeen. Dat we lekker hebben gespeeld en geleerd. Maar hier houdt het niet op. Naar mijn gevoel moet het einde van 23 dingen een nieuw startpunt zijn. 23 dingen heeft een bewustwording op gang gebracht en dat is geweldig. Het wordt nu een uitdaging om nu te kijken welke dingen we gaan implementeren in Xplora. Wat mij betreft geldt dit zowel voor de organisatie (Xplora als geheel) als voor individuele collega’s (want de dingen kun je natuurlijk ook gebruiken voor eigen individuele werkzaamheden). Een andere uitdaging ligt in het bijblijven. Ik merkte toch dat sommige informatie in het 23 dingen programma eigenlijk toch al wat verouderd is. Moeten we volgend jaar weer een nieuwe cursus 23 dingen doen binnen Xplora? Het zou wel kunnen met de snelle ontwikkelingen op web 2.0 gebied. Maar we mogen niet alleen maar meer afhankelijk zijn van externe initiatieven zoals het 23 dingen programma. Wel zullen zelf (individueel en als dienst) een strategie/techniek moeten bedenken om individueel/collectief bij te blijven.

Ik begon in januari 2010 met ‘Let the fun begin’. Nu 23 dingen afgelopen is, ga ik natuurlijk niet zeggen ‘Let the fun end’, maar…

Ding 22 Bibliotheek 2.0

12 augustus 2010

Als vervolg op het plaatje wat ik aan de hand van het artikel ‘What is Web 2.0” van O’Reilly gemaakt heb voor de kick-off bijeenkomst van 23 dingen, heb ik nu eenzelfde plaatje gemaakt over Bibliotheek 2.0:

Dit plaatje heb ik gemaakt aan de hand van de artikelen/filmpjes bij ding 22, aangevuld met mijn eigen snippets en blogberichten over bibliotheek 2.0.

De bibliothecaris 2.0 is veranderingsgericht

Bibliotheek 2.0 staat wat mij betreft vooral voor een houding. Deze houding wordt heel goed verwoord in A Librarian’s 2.0 Manifesto (ook uitgebeeld in een filmpje en vertaald in het Nederlands): openheid, nieuwsgierigheid, offensief, proactief en vooral veranderingsgericht en gebruikersgericht werken. De bibliothecaris 2.0 erkent dat de wereld en de bibliotheekgebruikers veranderen en verandert mee. Sterker nog, door zijn nieuwsgierigheid en proactiviteit, maakt hij integraal deel uit van het veranderingsproces, hij initieert veranderingen. Hij is niet alleen een trendspotter maar zou volgens mij ook een beetje een trendsetter moeten zijn, in ieder geval de spirit hebben om niet alleen trends te volgen maar ze dus ook te initiëren en bovenal te omarmen.

De bibliothecaris 2.0 is gebruikersgericht

Michael Stephens verwoord heel goed waartoe een bibliothecaris 2.0 in staat moet zijn. Hij zegt dat de toekomst van bibliotheken zal worden bepaald door de manier waarop gebruikers toegang hebben tot content en hoe ze die content consumeren en creëren. Content = communicatie en de bibliothecaris zal mee moeten communiceren wil hij überhaupt nog iets willen betekenen voor zijn gebruikers. Omdat informatie tegenwoordig zo eenvoudig toegankelijk is en de gebruiker zelfs zelf zijn eigen content eenvoudig aan al bestaande informatie kan toevoegen moeten we als bibliotheken samen op pad gaan met de gebruikers: “a librarian 2.0, then, is the strategy guide for helping users find information, gather knowledge and create content”. De bibliothecaris 2.0 is interactief, coacht, is transparant en deelt. Jan Klerk voegt hierbij in artikel 2 van zijn zesdelige reeks over bibliotheek 2.0 een treffende opmerking toe: de bibliothecaris 2.0 wil niet alleen maar klantgericht zijn, hij gaat heel direct en interactief samen met de gebruiker op pad.

Techno-harstocht in plaats van techno-aanbidding: technologie dient in de ogen van de bibliothecaris 2.0 slechts om communicatie, participatie, samenwerking en kennisdeling (de fundamenten van web 2.0) optimaal en op eenvoudige wijze te ondersteunen. Wat ik vooral belangrijk vind is dat je als bibliothecaris wel op de hoogte moet zijn van nieuwe tools en technologie, dat je daarbij vooral moet kijken naar functionaliteit, maar dat je ten slotte de keuze bij de gebruiker moet leggen. De gebruiker kiest zelf welke tool hij wel of juist niet wil gebruiken. Je kunt de gebruiker de voor- en nadelen laten zien van tools, maar je kunt ze niets opleggen. Doe je dat wel dan is de implementatie bij voorbaat mislukt. Het web 2.0 biedt bij uitstek al verschillende tools aan, biedt dus ook als bibliotheek verschillende tools (manieren om gebruik te maken van de diensten van de bibliotheek) aan zodat iedere gebruiker die tool kan kiezen waar hij/zij zich het prettigst mee voelt! Over dit soort gebruikersgerichtheid heb ik het ook in het interview dat onlangs van mij verschenen is in de Bibliotheek & Archiefgids.

De bibliotheek 2.0 gaat over personalisatie en integratie

In de filmpjes (deel 1 en deel 2) over de toekomst van mijnbibliotheek.nl komt het sterk naar voren: de bibliotheek 2.0 is gepersonaliseerd en geïntegreerd. Ook Jan Klerk gaat hierop in in zijn 5de artikel.

De bibliotheekwebsite (en ook de catalogus) wordt een persoonlijke gebruikerspagina. Straks gaat iedereen naar eenzelfde URL maar krijgen ze allemaal een andere website te zien, omdat de pagina informatie toont die alleen relevant is voor ieder individu apart. Hierbij wordt gebruik gemaakt van het surfgedrag van mensen, de content die ze genereren en de feedback die ze geven.

Via widgets en api’s wordt de bibliotheek deel van het hele web 2.0 en het hele web 2.0 wordt deel van de bibliotheek. En het gaat daarbij natuurlijk niet alleen om de technologie. Bibliotheek 2.0 staat ook voor het verbinden van mensen, zowel online als offline (zie ambient awareness in artikel 4 van Jan Klerk en het interview met Karolien Selhorst).

De bibliothecaris 2.0 is een lifehacker en kennisdeler

In artikel 3 van de bilbiotheek 2.0-reeks geeft Jan Klerk aan dat de bibliothecaris 2.0 ook een lifehacker moet zijn. Ik ben het helemaal met hem eens. Probleemoplossend denken is een must have vaardigheid voor de bibliothecaris 2.0 in een wereld van ‘information overload’. Hierdoor wordt ook de uniciteit van iedere bibliothecaris 2.0 belangrijker. Dit komt naar voren in het citaat van Bart van der Meij uit De Digitale Bibliotheek: het is het persoonlijke deel van kennis van iedere medewerker wat maakt dat hij een unieke bijdrage kan leveren aan een organisatie, maar juist die persoonlijke kennis is moeilijk te managen door de enorme hoeveelheid informatie die een medewerker moet verwerken. Lifehacking is essentieel geworden. Kennisdeling ook. Karolien Selhorst legt hierop de nadruk in Bibliotheek 2.0: Een kijkje achter de schermen. In de bibliotheek van Vlissingen worden web 2.0 tools uitstekend ingezet om kennis en expetise te verzamelen en te ontsluiten en zo hun bijdrage leveren aan de onmisbare collectieve wisdom of crowds.

De bibliotheek 2.0 is een transparante bibliotheek

Transparantie is essentieel voor een bibliotheek 2.0. In artikel 4 legt Klerk op een treffende manier uit wat een transparante bibliotheek (en dus een bibliotheek 2.0) inhoudt:

Een transparante bibliotheek gaat over een transparant management dat in staat is om inzicht te verschaffen in het hoe en waarom van genomen beslissingen. Dat gaat over de manager die in staat is om op authentieke en menselijke manier vanuit zelfvertrouwen en met vertrouwen in de medewerkers leiding te geven, zonder zich al te nadrukkelijk als leider op de voorgrond te plaatsen. Dat gaat over bibliothecarissen 2.0 die in de geest van Michael Stephens’ Librarian 2.0 kennis durven en kunnen delen met professionals én het publiek. Dat gaat over bibliotheken die onderling verbanden aangaan om samen met het publiek nieuwe diensten te ontwikkelen. Dat gaat over bibliotheken waar medewerkers en management elkaar serieus nemen en waar de bibliotheek haar publiek serieus laat participeren in de verdere ontwikkelingen. Dat gaat over bibliotheken die zich slim en met vertrouwen in de sociale netwerken profileren met relevante diensten. Dat gaat ook over bibliothecarissen die hun klanten leren hoe ze verantwoord en legaal content kunnen creëren en delen met anderen.

Kortom, bibliotheek 2.0 moet tussen je oren zitten

Bibliotheek 2.0 voelt voor sommige bibliotheken  nog onwennig aan, als het leren van een nieuwe taal. Waar te beginnen? Het begint met het besef dat een goede doordachte ‘strategie’ essentieel is. Natuurlijk is het goed om te experimenteren en gewoon zomaar te beginnen. Het is voor elke zichzelf respecterende bibliotheek zelfs een voorwaarde, maar als je als bibliotheek echt 2.0 wilt worden is er behoefte aan een ‘strategie’. Dit hoeft geen langdurig proces te zijn, maar het niet doen leidt maar zelden tot succes. Kortom, bibliotheek 2.0 moet tussen je oren zitten, bedrijfspolicy zijn en het mag niet verworden tot gadget.

Tot zover mijn betoog 🙂 !

PS: Wat me opviel tijdens het doornemen van alle bronnen en het schrijven is dat bovenstaand betoog gaat over een gedachtegoed dat universeel is. In het plaatje (en in mijn betoog) kan je bibliotheek vervangen door elk andere organisatie/bedrijf/beroepsgroep en er verandert niet zoveel naar mijn gevoel. 2.0 staat dan ook voor een veranderende wereld: de wereld verandert, dus de bibliotheek (en al de rest) ook.

Verslag bijeenkomst coaches 3 juni

9 augustus 2010

Op 3 juni hebben alle coaches een tweede bijeenkomst gehouden om ervaringen uit te wisselen.

Stand van zaken. Tegen welke problemen zijn groepjes aangelopen?


In Den Bosch zijn computers erg traag en dit levert problemen op bij het bekijken en spelen met de 23 Dingen. En willen we een aantal Dingen echt invoeren in Den Bosch dan is een voorwaarde dat hier iets aan gebeurt, anders wordt het een mislukking.

In Breda heeft een aantal deelnemers aangegeven dat ze te weinig reactie krijgen op hun blogberichten. In het begin werd er veel meer gereageerd op elkaars berichten.  Het lijkt wat ‘ingezakt’ dus.

In Tilburg is iedereen heel individueel bezig en zijn er geen groepsbijeenkomsten.

Goede ideeën en praktische voorbeelden

Hoe gaan we de Dingen toepassen binnen Xplora? En welke Dingen?

In Den Bosch zou men het liefst aan de slag gaan met Youtube (instructiefilmpjes etc.) en Netvibes (als persoonlijke academie-pagina bijv.).

Tijdens de slotbijeenkomst zal er ook een inventarisatie van ideeën plaats vinden.

De projectgroep bekijkt alle ideeën en voorbeelden en zal in overleg met Linda bepalen welke Dingen ook daadwerkelijk uitgevoerd kunnen gaan worden binnen Xplora.

Hoe gaan we verder na 23 Dingen?

Hoe blijven we alert op nieuwe ontwikkelingen?

De projectgroep 23 Dingen blijft bestaan en zal initiatieven nemen om 23 Dingen levend te houden.

Vraag1 : Blijft de website van 23Dingen (www.23dingen.nl/avans) bestaan? Het is handig om op één plek alle informatie bij elkaar te hebben.
Antwoord1: Ja, deze website blijft bestaan.

Vraag 2: Doen we nog eens een check met alle coaches (zoals ook in de eerste coach-bijeenkomst) om te bepalen hoeveel je van web2.0 weet?
Antwoord2: Dit wordt besproken in de projectgroep.

Evaluatie


Hoe wordt de cursus in zijn geheel beoordeeld? En hoe was de organisatie?

Evaluatie Den Bosch: Het was een goed project en een goede setting, maar  de 2 uur per week waren te kort om alles goed te doen. Er moest veel tussen de andere werkzaamheden door. Ideaal was geweest als je een hele dag in alle rust aan de Dingen had kunnen werken. Het idee ontstond dat opdrachten zo tegen het einde van de cursus een beetje worden afgeraffeld. Het was wat veel allemaal. Toch is er in Den Bosch ook veel opgevangen door de goede groepsbijeenkomsten waarin veel Dingen toegelicht werden.

Evaluatie Breda: Een aantal Dingen gezamelijk behandelen in de groepsbijeenkomsten werkt goed om de achterstand in de  groepje te verminderen. De cursus duurde wel wat te lang en dit gaat ten koste van de motivatie. Achteraf gezien was het misschien handiger geweest als we 10 dingen hadden gedaan en later nog eens 10 dingen.

Ding 21 Sociale bibliotheekcatalogi

20 juli 2010

Onze catalogus vormt nog steeds het hart van Xplora, maar is een systeem dat helaas helemaal niet meer aansluit bij de behoeften van de gebruikers. Jan Klerk verwoordt mijn gevoel goed in zijn artikel “Is er nog toekomst voor de Catalogus 2.0?“. Twee items zijn daarin volgens mij belangrijk:

  • De catalogus moet zich allang niet meer beperken tot het fysieke bezit van een bibliotheek
  • De zoekmogelijkheden van een catalogus moet aansluiten op het huidige zoekgedrag van gebruikers (aanbevelingen – zie het artikel van Klerk – en intuïtief zoeken spelen daarin een grote rol)

Catalogus 2.0 bestaat dus uit meer dan alleen het mogelijk maken van gebruikersinteractie (mogelijkheid tot het maken van lijstjes, het geven van oordelen en recensies en het toekennen van gebruikerstrefwoorden) want het integreren van web 2.0 (of beter gezegd het gebruiken van web 2.0 om je catalogus te optimaliseren) is er ook voor zorgen dat je catalogus rijker wordt, ook wat betreft content. Hieronder volgen 2 presentaties over 2 van zo rijke catalogi:

Als eerste zoeken.bibliotheek.be. Rosemie Callewaert maakt gebruik van een aantal trends om uit te leggen welke ontwikkelingen er in hun catalogus hebben plaats gevonden:

  1. Discovery layer bring the outside in – van opac naar discovery layer
    Van een inventaris van de fysieke bibliotheekcollectie gepresenteerd door titelbeschrijvingen naar een indexeerplatform voor diverse bronnen gepresenteerd door metadata en/of full conten. Voorbeeld: Cabrio. We willen als bibliotheekcatalogus geen Google spelen, maar nadenken over welke collecties, welke metadata en hoe presenteren. Voorbeeld: zoeken.bibliotheek.be heeft een koppeling met de Digitale Bibliotheek Nederlandse Letteren, met Mediargus (de Belgische LexisNexis), met DigiLeen en met Webwijzer. Daarnaast is er een verfijning mogelijk op beschikbaarheid: in de bibliotheek of online.
  2. Relevance Ranking, Faceted Search, FRBR – navigeren, groeperen, sorteren
    FRBR is de kapstop waardoor verschillende versies van 1 werk aan elkaar gekoppeld worden (manifestatie – item), daarnaast is recordverrijking mogelijk: de recensies en tags van alle versies worden verzameld en vanuit een item kan genavigeerd worden naar artikelen over het werk en bewerkingen van het werk (film, etc). Relevance Ranking lukt niet zo goed als je te weinig metadata hebt, daarom wordt er van FRBR gebruik gemaakt (alle edities + bibliotheekbezit bij elkaar optellen en zo de populairste bovenaan plaatsen).
  3. User Generated Content, Mashups, Aanbevelingen – Web 2.0
    zoeken.bibliotheek.be biedt gebruikers de mogelijkheid om items te taggen, te reviewen en te raten maar daar wordt nog niet zo veel gebruik van gemaakt (2.5% van de titels zijn getagd, 0,15% gereviewd en 1.1% gerated). Ook worden er lees en luistertips gegeven door de koppeling van zoeken.bibliotheek.be met Librarything en Last.fm. Het voorbeeld van het gebruik van mashups binnen zoeken.bibliotheek.be zijn de auteurspagina’s die volledig bestaan uit informatie van andere websites: informatie van de bibliotheek, het publiek en vakorganisaties worden gekoppeld om deze pagina’s tot stand te brengen.
  4. Etaleren, Bring the inside out, Web 3.0 – Go where the users are
    De auteurspagina’s zorgen ervoor dat bibliotheek.zoeken.be hoog scoort in de Google zoekresultaten. Op bibliotheek.be vind je de widgets van zoeken.bibiotheek.be
  5. Tenslotte wordt de infrastructuur van zoeken.bibliotheek.be in kaart gebracht:
    Infrastructuurzoekenbibliotheekbe
    zoeken.bibliotheek.be –> selectief oogsten, metadata verzorgen, bewust combineren en verder uitzaaien!

Het tweede voorbeeld is de SOPAC, uitgevonden door John Blyberg:

  • Who is SOPAC?
    SOPAC is ontstaan aan de Ann Arbor District Library, daarna is Blyberg verhuist naar de Darien Library en ondertussen gebruikt ook de Palos Verdes Library District de SOPAC. Binnenkort zullen nog 2 Amerikaanse openbare bibliotheken SOPAC gaan implementeren.
  • How does SOPAC work?
    • De SOPAC maakt integraal deel uit van je website (er is dus geen sprake van een disconnecty tussen je website en je catalogus).
    • De SOPAC maakt gebruik van bibliografische sociale metadata en van Sphinx, een krachtige zoekmachine die kan werken met complexe query’s.
    • Het systeem is zo opgebouwd dat als je veranderingen aanbrengt in je bibliotheeksysteem (ILS) dat er in de rest van het systeem niets verandert (dat was vroeger wel het geval).
    • Van
      Sopac_opacoud
      naar
      Sopac_sopacnieuw
  • De ontwikkelingen van SOPAC worden aangedreven door User Experience.
  • Taggen in SOPAC:
    • Toevoegingen van gebruikers worden direct in het systeem opgenomen (zonder eerst te modereren).
    • Een voorbeeld van een tag = staff favorite, deze tag is populair als zoekopdracht en geeft de favorieten weer van de bibliothecarissen.
    • Een ander voorbeeld van een tag voor films = beter than the book.
    • Nog een andere tag die gebruikt wordt = meet us on main steet, de main street is de centrale ontmoetingsplaats in de bibliotheek en regelmatig gaan bibliothecarissen daar met boeken tussen de gebruikers zitten om zo interactie/discussie over deze boeken uit te lokken, deze boeken worden in de catalogus dus voorzien van deze tag.
    • Laatste voorbeeld van een tag = middlesex autobiography, no comment 🙂 !
    • De bibliothecarissen taggen nu nog het meest, maar dat geeft tevens meer kwaliteit aan het taggen binnen SOPAC.
  • Reviews & Ratings in SOPAC:
    • De reviews en ratings aangebracht door de gebruikers vormen ook een onderdeel van het zoeksysteem van de catalogus (worden dus opgenomen in de zoekresultaten).
    • Van de rating-gegevens wordt ook gebruik gemaakt bij het opstellen van lijstjes: hot ficton & favorite fiction.
  • SOPAC & Me:
    • De bibliotheek wordt de identiteit van de gebruiker door het gebruik van een my library pagina en een avatar.
    • De gebruiker kan zich abonneren op RSS-feeds (zoekvragen/tags).
  • SOPAC & Drupal CMS:
    • Zonder Drupal geen SOPAC.
    • Drupal zorgt ervoor dat je catalogus onderdeel wordt van je website.
    • Drupal zorgt er tevens voor dat je dezelfde gegevens op verschillende manieren kunt tonen: zo kun je dezelfde boeken tonen in verschillende vormen van digitale boekenplanken.
  • SOPAC & de fysieke bibliotheek:
    • SOPAC geeft de mogelijkheid om lijstjes te maken: boeken die net terug binnen zijn gekomen, nieuwe fictie boeken, meest populaire fictie (in plaats van de tafels)
  • Toekomstplannen SOPAC:
    • Er wordt gewerkt aan een SOPAC app voor de Iphone.
    • Customer Relationship Management Database: informatie opslaan over gebruikers (wat ze leuk vinden, wat ze raten, etc.)
    • Small & Organic Group Formation: het bijeenbrengen van gebruikers binnen groepen.

Dat Xplora er over nadenkt haar catalogus te vervangen door Worldcat Local is zeker een stap in de goede richting, maar zou volgens mij nog maar een begin moeten zijn: integratie (federatief zoeken) van andere bronnen (zoals de databanken) en op een creatieve manier gebruik maken van alle data in je catalogi (koppelen van gegevens, zoals bijvoorbeeld de auteurspagina’s bij zoeken.bibliotheek.be of het gebruiken van gebruikersgegevens voor het geven van persoonlijke aanbevelingen) moeten de vervolgstappen worden.

En natuurlijk kunnen we nog veeeeeeeeeeeeeel verder gaan:

Via Jeroen van Beijnen en Jan Klerk.

Terugblik op Ding 15 tot en met Ding 20 en workshop Firefox

20 juli 2010

Ook in de laatste terugblik-bijeenkomst werd er gediscussieerd over de dingen die we de afgelopen weken hadden doorlopen. Door tijdgebrek had ik deze keer geen presentatie ineen gestoken, maar niettemin passeerden er toch heel wat tips, opmerkingen en suggesties de revue.

Ding 15 Podcasts

Niemand ziet toepassingen voor podcasts. Vodcasts zou je in kunnen zetten voor instructies/colleges. Voorbeelden van Vodcasts:

  • Ted Talks: een verzameling video’s waarin in 10 – 20 minuten iets wordt uitgelegd.
  • (Hoor)Colleges zijn terug te vinden via iTunes U. In Nederland zijn de TU Delft en de Open Universiteit die hierop content plaatsen.

Je kunt zowel via Ted Talks als iTunes U abonneren op de filmpjes (zelfde principe als RSS, maar dan met filmpjes via je mediaplayer).

In de officiële versie van 23 dingen is Podcast vervangen door Google maps en Google Street View. Google maps wordt in onze LIC site gebruikt bij de adresgegevens van Xplora.

Ding 16 YouTube

Op YouTube is over bijna alles een filmpje te vinden. Zelfs over hoesjes voor je gsm. Handig voor product informatie.

YouTube is makkelijk in gebruik.

Toepassingen: filmpjes van YouTube gebruiken om instructies te verlevendigen. Denk wel aan het auteursrecht. In een onderwijsomgeving mag vrij veel. Nadeel: filmpjes van een ander die je gebruikt in je instructies, kunnen na een tijd verdwijnen van YouTube.

Ding 17 Speeltijd

In dit ding was de keuze enorm groot, voor velen zo groot dat ze geen keuze konden maken en het spoor bijster raakten. Daarbij ben je al blij dat je de andere dingen hebt geëxploreerd, ding 17 was voor velen dus gewoon 1 ding te veel 🙂

Ding 18 Librarything

Op internet hebje  diverse toepassingen om je eigen online boekenkast te maken: LibraryThing, Goodreads, Shelfari. Omdat LibraryTing bij zijn gratis account een maximum van 200 boeken hanteert, zijn de andere twee een goed alternatief. Eigenlijk kan je bij Worldcat ook je eigen boekenplank maken via lijsten. Omdat er sprake is dat wij met onze catalogus overstappen op Worlcat Local krijgen onze gebruikers ook de mogelijkheid om hun eigen lijsten te maken of eigen trefwoorden toe te kennen aan boeken.

Ding 19 Sociale netwerken

Hyves: typisch Nederlands, wordt de laatste tijd minder gebruikt door studenten, die stappen over op Facebook.

Facebook is internationaler en sommigen vinden het gebruiksvriendelijker dan Hyves (al hebben ze dat laaste tijd wel gedoe met privacy-issues)

LinkedIn is een zakelijk netwerk (voor bedrijven / beroepsgroepen). Interessant zijn de groepen die je kunt volgen en waarop soms levendige discussies worden gehouden.

Wat is de meerwaarde voor Xplora??? Je zou deze netwerken wel kunnen gaan volgen om te kijken of er door gebruikers wordt gesproken over Xplora. Een voorbeeld daarvan is de anti-Xplora Hyve. Opmerkelijk dat niemand van Xplora/LIC daar indertijd op heeft gereageerd. Een gemiste kans, want zo kun je wel klachten in de gaten houden en de opinie over Xplora mee vormen. Zie het verhaal van Dell en Jarvis (uit het boek “Wat zou google doen”).

Ding 20 Online muziek

Voorbeelden van toepassingen:

  • Last.fm natuurlijk
  • Blip.fm maakt het twitteren van je muziek eenvoudig
  • Spotify: full albums (ook de laatste nieuw ) via streaming beluisteren.

Omdat we geen muziekcollectie hebben is de toepassing voor Xplora bij dit ding niet aanwezig.

Workshop Firefox

Na het doornemen van de dingen heb ik ook nog een workshop Firefox gegeven.

De meerwaarde in het gebruik van Firefox is dat je deze browser helemaal kunt personaliseren, kunt inrichten naar je eigen wensen. Dit gaat via de Firefox add-ons, externe plugins/toepassingen die je kunt installeren in Firefox. In de handleiding die ik gemaakt heb voor deze workshop geef ik een overzicht van bruikbare add-ons. De link met 23 dingen is makkelijk gelegd want met de add-ons kun je vele 23 dingen (zoals sociale netwerken, delicious, RSS-reader, etc) direct integreren in je browser. Wat de meerwaarde is van Firefox voor informatieprofessionals legt Gerard Bierens uit in zijn artikel Zoeken, vinden, vastleggen (verschenen in Digitale Bibliotheek, nr. 6, 2009).

Binnen Xplora kunnen we helaas niet werken met de gewone versie van Firefox, want zodra je Firefox installeert op een pc waar ook LBS op staat, werkt LBS niet meer!!! Daarom leg ik in de handleiding uit hoe je Firefox kunt installeren op je H-schijf (portable versie van Firefox), waardoor LBS gewoon blijft werken (LBS open je op de normale manier in Internet Explorer en daarnaast open je Firefox portable).

Nog een bijkomend voordeel van het gebruik van Firefox is dat al je logins worden onthouden door de browser (zeker handig nu je zoveel gebruikersnamen en wachtwoorden hebt na 23 dingen)!

Ding 20 Online muziek

15 juli 2010

Last.fm is een leuke site waar ik al sinds 2008 een account heb. Je moet wel alleen veel tijd hebben als je je hele muziekcollectie wilt labelen. Die van mij is nogal groot! Ik ben er wel al mee begonnen, zo voeg ik artiesten en albums toe aan mijn last.fm library en tag ik ze ook zodat ik ze makkelijk kan terugvinden. Het leukste aan last.fm is dat je verschillende radio’s kunt beluisteren: je eigen library natuurlijk maar elke artiest heeft zijn eigen  ‘radio’  waarbij je dan luistert naar aanverwante artiesten. Zo ontdek je telkens weer nieuwe muziek!

De laatste tijd maak ik ook regelmatig gebruik van blip.fm. Voor de twitteraars is dat een leukere muzieksite. Je zoekt een leuk nummertje of videoclip, je zet er een leuk berichtje bij en je blipt het. Het nummertje komt dan automatisch als tweet in je twitteraccount. Regelmatig kies ik een nummertje uit als ochtendgroet voor de twitteraars die me volgen! En ik heb blip.fm gekoppeld met last.fm zodat de nummertjes die ik beluister via blip.fm automatisch bij mijn recent beluisterde tracks in last.fm komen te staan. En die recent beluisterde tracks komen dan weer automatisch in de zijkolom van mijn weblog te staan (hiervoor heb ik gebruik gemaakt van de last.fm tool charts).

NB: Het koppelen van Blip.fm met Twitter en Last.fm gaat via Services. Services vind je onder Settings: klik als je ingelogd bent bij blip.fm op het pijltje naast je naam rechtsboven in de balk en daarna op Settings.

Ik heb ook Spotify uitgeprobeerd – sinds kort ook beschikbaar in Nederland. Met Spotify kan je gratis online (streaming muziek, dus niet te downloaden) full tracks en albums beluisteren, ook diegene die net uit zijn! Ik gebruik Spotify niet zo veel omdat ik zelf een uitgebreide muziekcollectie heb – gewoon lekker mijn ipod volstouwen en dan op shuffle klikken!

Mijn muziekcollectie beheer ik met Media Monkey, een zeer handig programma’tje voor het aanpassen van de metadata van je mp3’s (naam, artiest, cover, etc)!